De GGZ-wachtlijst is gemiddeld 6 tot 12 maanden.

De GGZ-wachtlijst is gemiddeld 6 tot 12 maanden.

Soms langer.

En al die tijd staat er één persoon op die wachtlijst.

Die elke twee weken belt.

Die huilend aan de balie staat.

Die niet verder kan met zijn leven totdat er iemand is die hem écht helpt.

En die persoon heeft één vast aanspreekpunt.

De huisarts.

De GGZ-wachtlijst is de huisartsenzorg ingeschoven. Stilletjes. Zonder akkoord.

Zonder extra middelen. Zonder einde.

De huisarts verwijst. De GGZ heeft geen plek.

De patiënt komt terug. Naar de huisarts.

De POH-GGZ vangt op wat ze kan. Maar zij heeft ook een volle agenda.

De huisarts doet wat hij kan. Maar hij is geen psycholoog.

De assistente probeert het te managen. Maar zij is geen crisisopvang.

En de patiënt? Die valt tussen de wal en het schip.

In een systeem dat hem heeft doorverwezen maar niet heeft geholpen.

Hier zit de oneerlijkheid die niemand wil benoemen.

De GGZ heeft wachtlijsten, en dat is een systeemprobleem.

Maar de consequenties van dat systeemprobleem worden gedragen door de eerstelijn.

Elke dag opnieuw.

Zonder compensatie. Zonder erkenning. Zonder dat er iemand zegt.

“Dit is niet jullie taak, en toch doen jullie het. En dat is niet houdbaar."

Huisartsenpraktijken worden de informele wachtlijstopvang van Nederland.

En niemand heeft daarvoor getekend.

Want wat betekent dit in de praktijk?

Consulten die voor somatische klachten geboekt zijn maar over een crisis gaan.

Telefoontjes die vijf minuten mogen duren maar veertig minuten kosten.

Assistentes die moeten inschatten of iemand veilig naar huis kan.

Dit is geen zorg verlenen. Dit is brand blussen met een glas water.

En toch stoppen ze niet.

Omdat de patiënt er wél is. Elke dag weer.

Omdat wegsturen geen optie voelt.

Omdat de huisartsenzorg van nature zegt: wij laten niemand vallen.

Dat is mooi. Dat is ook gevaarlijk.

Want een systeem dat weet dat de huisarts altijd opvangt, heeft geen enkele prikkel om zelf beter te worden.

Wat moet er veranderen?

Erkenning dat dit een structureel probleem is, geen individueel falen van een praktijk.

Financiering die past bij de werkelijkheid, niet bij het ideaalbeeld.

GGZ en huisartsenzorg die samen aan tafel zitten, niet langs elkaar heen werken.

En een politiek die stopt met doorschuiven en begint met kiezen.

Hoeveel van jullie tijd gaat elke week op aan patiënten die eigenlijk GGZ-zorg nodig hebben?

En heeft iemand dat ooit officieel erkend of gecompenseerd?

Groetjes, Vinaij

PS: Bekijk direct wat jouw collega's in het huisartsenvak hebben geantwoord via de volgende link: https://www.linkedin.com/in/vinaijsewradj/