"Met mij gaat het prima, hoor."

"Met mij gaat het prima, hoor."

Dat zegt bijna elke oudere patiënt.

Ook als de trap vol rommel ligt.

Ook als er al drie weken niemand langs is geweest.

Ook als de medicijndoos nog vol zit van vorige week.

Ouderen verbergen problemen thuis.

Niet omdat ze liegen, maar omdat toegeven wat er misgaat voelt als het eerste stapje richting het verzorgingshuis.

En dat is precies waar niemand heen wil.

Dus wat doe je als huisartsenpraktijk?

Je ziet iemand 15 minuten per consult. Je vraagt hoe het gaat.

Je krijgt een sociaal wenselijk antwoord.

En ondertussen kan iemand thuis vallen, vereenzamen of ondervoed raken zonder dat iemand het weet, tot het te laat is.

"Het is hun leven, hun keuze" hoor je vaak.

Maar is dat waar, of is het een makkelijk excuus om een gesprek te vermijden?

Aan de andere kant: iemand die nog helder van geest is, heeft het recht om risico's te nemen.

Niet elke rommelige kamer is een noodgeval. Niet elke oudere die alleen woont is eenzaam.

Overbezorgdheid kan net zo schadelijk zijn als onderdetectie, het ondermijnt iemands gevoel van eigenwaarde en zelfstandigheid.

De vraag is: hebben we een manier om dit structureel te signaleren, zonder dat het voelt als controle?

En misschien wel de belangrijkste vraag: wie in het team merkt dit eigenlijk het eerst?

Vaak niet de huisarts. Vaak de assistente aan de balie, de POH-ouderenzorg,

of degene die de telefoon opneemt en een stem net iets anders hoort dan normaal.

Heeft jouw praktijk een vast moment om de thuissituatie van kwetsbare ouderen te bespreken, of gebeurt dit alleen als er al iets misgaat?

Groetjes, Vinaij

PS: Bekijk direct wat jouw collega's in het huisartsenvak hebben geantwoord via de volgende link: https://www.linkedin.com/in/vinaijsewradj/